Wet- en regelgeving

Er zijn veel verschillende wetten waar mensen met een verstandelijke beperking mee te maken kunnen krijgen. We zetten hier de meest belangrijke wetten voor u op een rij. Op achterliggende pagina’s kunt u meer lezen over wat deze wetten specifiek voor u of uw verwant met een beperking kunnen betekenen.

Overzicht van de verschillende wetten

Verplicht

De zorgverzekeringswet is een wet waar iedereen verplicht aan deel moet nemen en die verzekert voor het grootste deel van de medische zorg, zoals huisarts, apotheek, specialist, ziekenhuis, enz. Mensen die thuis of zelfstandig wonen en zorg krijgen vanuit de WMO of Jeugdzorg, en die behoefte hebben aan wijkverpleging of verzorging krijgen dit vanuit de zorgverzekeringswet.

In de zorgverzekeringswet geldt een wettelijk verplicht eigen risico voor medicijnen en specialistische zorg en voor sommige verstrekking kan ook een eigen bijdrage gerekend worden. Dit is afhankelijk van de poliskeuze.

WLZ

Voor mensen die in het kader van de WLZ in een woonvoorziening van een instelling verblijven, en die een indicatie voor verblijf met behandeling hebben, wordt een deel van de medische zorg vanuit de WLZ gefinancierd. Dat betreft de eerstelijns zorg, zoals

  • huisartsenzorg
  • medicijnen voorgeschreven door een huisarts
  • fysiotherapie en logopedie, voor zover direct in verband met de handicap
  • hulpmiddelen voor persoonlijk gebruik

Kosten die hiervoor gemaakt worden, moeten door de instelling betaald worden en deze tellen dus niet mee voor het eigen risico in de ZVW. Dit geldt ook voor mensen die in een instellingswoning in een wijk wonen en gebruik maken van de huisarts en apotheek in de wijk.

De Wet langdurige zorg (WLZ) regelt zorg voor mensen met een blijvend intensieve zorgbehoefte, bijvoorbeeld ouderen met dementie, mensen met een verstandelijke beperking of psychische aandoening die permanent toezicht of zorg nodig hebben

Voor wie deze zorg nodig heeft, kan het CIZ een WLZ-indicatie toekennen. Daarmee ontstaat recht op zorg — zowel in een instelling als thuis

Voor wie?

Je komt in aanmerking voor Wlz-zorg wanneer:

  • Je blijvend 24 uur per dag zorg of toezicht nodig hebt.
  • Je niet zelfstandig hulp kunt inschakelen bij risico’s.
  • Je een ziekte, (verstandelijke) beperking of stoornis hebt waardoor deze zorgstructuur noodzakelijk is

Indicatieprocedure

  1. De WLZ-check op de website van het CIZ geeft een snelle indicatie.
  2. Bij een positieve uitkomst volgt een formele aanvraag met medische gegevens.
  3. Binnen circa 6 weken volgt een besluit van het CIZ.
  4. Bij goedkeuring regelt het zorgkantoor de verdere zorgverlening of het persoonsgebonden budget (pgb)

Zorgvormen onder de Wlz

Zorg in een instelling

Volledige verpleeghuiszorg, gehandicaptenzorg of ggz-instelling met intensieve verzorging, begeleiding en verpleging

Wonen met zorg thuis

Mogelijk via Volledig Pakket Thuis (VPT) of Modulair Pakket Thuis (MPT), mits je situatie thuis verantwoord en doelmatig is. Dit wordt beoordeeld door het zorgkantoor

Persoonsgebonden Budget (pgb)

Bij voorkeur of complexere zorgvraag kan zorg via een pgb worden ingekocht, inclusief recent ingevoerde regels voor logeeropvang en inzet voor vervoer (vanaf 1 juli 2025)

Belangrijkste wijzigingen in 2025 en vooruit

1 juli 2025 – wijziging logeeropvang via pgb

Nieuw beleid maakt het mogelijk dat mensen met zeer complexe zorgbehoefte zelf passende logeeropvang inkopen vanuit hun pgb, inclusief zorg door hun eigen pgb-team

Inzet pgb voor vervoer

Er komt wettelijke basis voor het betalen van vervoerskosten vanuit het pgb voor zorgdoeleindeN

Indicatieregels 2025

De Beleidsregels indicatiestelling Wlz 2025 zijn sinds 1 januari 2025 van kracht en vervangen die van 2024

Voorschrift Zorgtoewijzing 2025

Regionale zorgkantoren hanteren het nieuwe voorschrift van ZN (Zorgverzekeraars Nederland) voor uniforme toewijzing van Wlz-zorg vanuit januari 2025

Financiering en eigen bijdrage

  • De Wlz wordt gefinancierd uit de premie volksverzekering, én uit een door het CAK berekende eigen bijdrage vanaf 18 jaar
  • Per 1 januari 2025 zijn de eigen bijdragen fors omhoog gegaan

Tariefindexatie

2025

Tariefstijging voor zorginstellingen is gemiddeld 4,61 %: looncomponent 5,23 % en materiële stijging 2,41 % Finance Ideas. Bezuinigingen die aanvankelijk gepland waren (zoals taakstelling en contractombuigingen) zijn voor 2025 geannuleerd

2026

Er wordt gewerkt aan nieuwe kostprijsberekeningen voor tarieven in 2026, inclusief herziening voor complexe profielen zoals VG7 (zeer intensieve gehandicaptenzorg)

Uitdagingen en toezicht

De NZa en de Algemene Rekenkamer melden dat Wlz-zorg thuis nog niet overal goed geregeld is. De kwaliteit en organisatie laat voor een deel van de mensen met Wlz-zorg te wensen over, mede door personeelstekorten en regionale verschillen

Meer weten

Algemene informatie over de Wlz kunt u hier vinden: https://www.zorgwijzer.nl/faq/wlz 

De volledige wettekst vindt u hier: wetten.nl – Regeling – Wet langdurige zorg – BWBR0035917

Of kijk hier het filmpje Uitleg Wet langdurige zorg

Je kunt natuurlijk altijd ook je vraag voorleggen aan ons Kennis- en Adviescentrum (030-2363750 / advies@kansplus.nl)

De huidige WMO is ingegaan in 2015. De gemeente is verantwoordelijk voor het organiseren van deze zorg. Uitgangspunt daarbij is dat de zorg ingebed is in wat ‘het sociaal domein’ wordt genoemd.

De wet geeft het kader aan voor de zorg voor mensen die langdurig zorg nodig hebben, maar die daarvoor geen 24-uurs nabijheid van zorgverleners nodig hebben. Als er bij de gemeente twijfel is of er niet meer zorg nodig is dan waarvoor de WMO bestemd is, kan u doorverwezen worden naar het CIZ (Centraal Indicatieorgaan Zorg) om te kijken of u in aanmerking komt voor zorg in het kader van de WLZ. Als het CIZ geen WLZ-indicatie afgeeft, is de gemeente verantwoordelijk voor het bieden van zorg in het kader van de WMO.

Vanuit de WMO wordt de volgende zorg geboden

  • Begeleiding (waaronder dagbesteding)
  • Huishoudelijke hulp
  • Mantelzorgondersteuning (waaronder logeerhuis mogelijkheid)
  • Tijdelijk wonen met begeleiding (dit is uitsluitend voor mensen met psychosociale problemen en dus niet voor mensen met een verstandelijke beperking)

(Wijk)verpleging en verzorging wordt niet vanuit de WMO, maar vanuit de ZVW geboden, maar doorgaans wel in samenhang met eventuele begeleiding en andere WMO zorg.

Iedere gemeente is zelf verantwoordelijk voor het uitwerken van het WMO-beleid en voor het inkopen van de zorg bij zorgaanbieders. Hierdoor kunnen per gemeente verschillen ontstaan in de zorg die geboden wordt en de manier waarop.

Meer informatie over wat de WMO voor u kan betekenen vindt u elders op deze website.

De volledige wettekst kunt u hier lezen.

U kunt ook informatie over de WMO vinden op zorgwijzer.nl.

De Jeugdwet vervangt niet alleen de Wet op de jeugdzorg, die tot 2015 geldig was, maar ook de verschillende andere onderdelen van de jeugdzorg die onder de Zorgverzekeringswet (geestelijke gezondheidszorg voor jongeren) en de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (zorg voor licht verstandelijk beperkte jeugd) vielen. Ook de jeugdbescherming en jeugdreclassering maken onderdeel uit van de wet.

Wat is de Participatiewet?

De Participatiewet is een wet van de overheid die mensen helpt die (tijdelijk) geen werk hebben en niet genoeg geld verdienen om van te leven. Het doel van de wet is dat iedereen kan meedoen in de samenleving, bijvoorbeeld door werk of vrijwilligerswerk.

Voor wie is de Participatiewet?

De Participatiewet is er voor mensen:

  • die geen werk hebben,
  • die geen recht hebben op een andere uitkering (zoals WW of Wajong),
  • die moeite hebben met het vinden van werk.

Iedereen tussen de 18 jaar en de AOW-leeftijd kan deze wet nodig hebben.

Wat is er veranderd met de nieuwe wet: Participatiewet in balans?

Sinds 1 juli 2024 geldt de Participatiewet in balans. Deze wet zorgt voor meer vertrouwen, duidelijkheid en menselijke maat. Hieronder lees je de belangrijkste veranderingen:

1. Meer vertrouwen in mensen met een uitkering

De gemeente kijkt minder streng en gaat meer uit van vertrouwen. Kleine foutjes worden niet meteen bestraft. Mensen worden geholpen in plaats van gestraft.

2. Minder stress over regels

De regels zijn duidelijker en eenvoudiger. Mensen hoeven zich minder zorgen te maken over ingewikkelde verplichtingen of onverwachte terugbetalingen.

3. Meer ruimte voor vrijwilligerswerk en mantelzorg

Mensen met een bijstandsuitkering mogen eerder vrijwilligerswerk doen of zorgen voor een ander (mantelzorg), zonder dat dit meteen gevolgen heeft voor hun uitkering.

4. Meer maatwerk

De gemeente kijkt beter naar jouw situatie. Wat kun je wel en niet? Wat heb je nodig? Zo krijg je hulp die bij jou past.

Wat kun je krijgen?

De Participatiewet regelt:

  • Een bijstandsuitkering: als je geen of weinig inkomen hebt.
  • Hulp bij het vinden van werk: via bijvoorbeeld trainingen, begeleiding of een leerwerkplek.
  • Maatwerk: bijvoorbeeld extra begeleiding als je een beperking hebt of al lang geen werk meer hebt.

Wat moet je zelf doen?

Als je een uitkering krijgt, moet je:

  • je best doen om werk te vinden (voor zover dat kan),
  • meewerken aan afspraken met de gemeente,
  • eerlijk zijn over je situatie en veranderingen doorgeven (bijvoorbeeld als je gaat samenwonen of werk vindt).

Wie voert de wet uit?

De gemeente waarin je woont voert de Participatiewet uit. Je kunt daar terecht voor:

  • het aanvragen van een uitkering,
  • hulp bij werk en inkomen,
  • vragen over regels en je rechten.

Waarom deze wet?

De overheid wil dat iedereen in Nederland kan meedoen. De nieuwe regels zorgen voor meer menselijkheid en minder stress. Mensen krijgen hulp die beter past bij hun situatie.

Meer weten of hulp nodig?

Kijk op de website van jouw gemeente

Je kunt natuurlijk altijd ook je vraag voorleggen aan ons Kennis- en Adviescentrum (030-2363750 / advies@kansplus.nl)

Of kijk hier het filmpje Participatiewet in begrijpelijke taal

De Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen (Wmcz2018) regelt de medezeggenschap van cliënten van zorginstellingen. Deze wet is sinds 1 januari 2020 van kracht.

Het steunpunt medezeggenschap van KansPlus, VraagRaak, gebruikt de Wmcz als wettelijke basis voor de ondersteuning van cliëntenraden, familieverenigingen en ledengroepen van KansPlus als het gaat om de zeggenschap en medezeggenschap van cliënten en hun vertegenwoordigers. De volledige en actuele tekst van de Wmcz2018 kunt u hier vinden.

Webwinkel

In de webwinkel kunt u verschillende producten vinden over medezeggenschap en de Wmcz2018.

Vraagraak

Het is belangrijk om dit steunpunt Vraagraak te kunnen blijven handhaven voor ter ondersteuning van cliëntenraden en familieverenigingen, overweeg een donatie of word lid en steun ons!

Op 1 januari 2020 heeft de Wet zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijke gehandicapte cliënten (Wzd) de BOPZ (Bijzondere Opnamen in Psychiatrische Ziekenhuizen) vervangen.  De Wzd regelt hoe met onvrijwillige zorg moet worden omgegaan.

Onvrijwillige zorg is zorg waar de cliënt of diens vertegenwoordiger niet mee instemt of waar de cliënt zich tegen verzet.

Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om:

  • Toedienen van medicatie die van invloed is op de bewegingsvrijheid van de persoon.
  • Toediening van vocht, voeding of medicatie vanwege een lichamelijke aandoening.
  • Maatregelen die tot gevolg hebben dat de vrijheid van de persoon voor korte of langere tijd wordt beperkt.
  • Maatregelen waarmee toezicht wordt gehouden op de persoon
  • Beperking in de vrijheid te doen wat je wil doen of verplicht worden iets te doen wat je niet wilt.

Informatie over de Wet zorg en dwang

  • WZD Handreiking voor ouderinitiatieven. Download de brochure via deze link
  • De wet zorg en dwang: informatie voor familie. Ga naar de webwinkel of  of download de brochure direct via deze link
  • De Wet zorg en dwang: informatie voor mensen met een verstandelijke beperking. Ga naar de webwinkel of download de brochure direct via deze link
  • De Wet zorg en dwang: informatie voor mensen met een psychogeriatrische aandoening. Ga naar de webwinkel of download de brochure direct via deze link
  • De Wet zorg en dwang: informatie voor professionals. Ga naar de webwinkel of download de brochure direct via deze link
  • Het Informatiepunt dwang in de zorg op de website van VWS https://www.dwangindezorg.nl/wzd.
  • De brochure ‘Wet zorg en dwang’. In deze brochure staat in eenvoudige taal wat de Wet zorg en dwang (Wzd) betekent. Er wordt gewerkt aan een addendum. U kunt de brochure en het addendum dan weer bestellen en/of downloaden via de webwinkel.

In het zorgplan wordt de zorg beschreven die een persoon nodig heeft. De wet staat alleen onvrijwillige zorg toe als er geen vrijwillige zorg mogelijk is en als daardoor ernstige schade voor de persoon kan ontstaan. Hieronder wordt  in ieder geval verstaan dat betrokkene:

  • zich maatschappelijk te gronde richt of dreigt te richten;
  • zichzelf in ernstige mate verwaarloost of dreigt te verwaarlozen;
  • ernstig lichamelijk letsel oploopt of dreigt op te lopen dan wel zichzelf ernstig lichamelijk letsel toebrengt of dreigt toe te brengen;
  • met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
  • een ander ernstig lichamelijk letsel toebrengt of dreigt toe te brengen;
  • de psychische gezondheid van een ander bedreigt;
  • de algemene veiligheid van personen of goederen bedreigt;
  • ernstig in zijn ontwikkeling wordt geschaad of dreigt te worden geschaad of dat zijn veiligheid ernstig wordt bedreigd, al dan niet doordat hij onder de invloed van een ander raakt.

In de wet staat een stappenplan dat gevolgd moet worden bij het besluiten tot onvrijwilliger zorg.

  • Uitgangspunt is het zorgplan dat binnen 6 weken na aanvang van de zorgverlening moet worden opgesteld en dat iedere 6 maanden moet worden geëvalueerd.
  • Als de begeleiding constateert dat het zorgplan niet meer toereikend is om de goede zorg te bieden, kijkt de begeleider in overleg met een deskundige (meestal de pedagoog of psycholoog) eerst of er andere vormen van vrijwillige zorg zijn die wel goed zijn. Hierbij wordt onder meer gekeken naar:
  • Welk schade kan de persoon oplopen als gevolg van het gedrag?
  • Wat is de mogelijke oorzaak van het gedrag?
  • Welke invloed heeft de omgeving op de persoon en diens gedrag?
  • Welke vormen van vrijwillige zorg zijn mogelijk waardoor de schade voorkomen kan worden?

De cliënt en de vertegenwoordiger kunnen bij dit overleg aanwezig zijn, en zo nodig kunnen nog andere deskundigen worden uitgenodigd.

  • Het zorgplan wordt aangepast. Als geconcludeerd wordt dat onvrijwillige zorg nodig is wordt verder overleg gevoerd met een arts als de zorg betrekking heeft op medisch beleid of met een pedagoog/psycholoog als het gaat om het gedrag van de persoon. De arts, respectievelijk de pedagoog/psycholoog moeten instemmen met de voorgestelde onvrijwilliger zorg. In dit overleg wordt ook gekeken welke nadelige gevolgen er voor de persoon kunnen zijn als gevolg van de onvrijwillige zorg en hoe lang deze onvrijwillige zorg mag duren. In principe is dat altijd zo kort mogelijk.
    Ook bij dit overleg kunnen cliënt en vertegenwoordiger aanwezig zijn.
  • De cliënt / vertegenwoordiger kunnen een externe deskundige raadplegen voor persoonlijk advies over het zorgplan.

Met passend onderwijs wordt bedoeld dat voor ieder kind dat in het onderwijs speciale aandacht nodig heeft een passende plek geboden wordt. Dit kan zowel hoogbegaafde kinderen betreffen, als kinderen met een verstandelijke beperking of autisme, of kinderen met een lichamelijke beperking of aandoening.

Er is niet één enkele wet die alles regelt, maar er zijn in diverse onderwijswetten bepalingen opgenomen die passend onderwijs mogelijk moeten maken. Hier kunt u de wijzigingswet vinden die daarover gaat.

Het passend onderwijs kan zowel geboden worden in het reguliere primair onderwijs of voortgezet onderwijs, maar ook in het speciaal onderwijs. Het geld dat nodig is voor extra begeleiding binnen het reguliere onderwijs gaat niet meer in de vorm van een persoonlijk budget (het rugzakje) naar het individuele kind, maar de scholen krijgen budget om de extra begeleiding te kunnen financieren. Hiervoor moeten de scholen samenwerken in regionale samenwerkingsverbanden.

Het uitgangspunt van Passend Onderwijs is dat ouders hun kind kunnen aanmelden bij de school van hun eigen voorkeur. Deze school heeft dan de plicht om te zorgen voor passend onderwijs. Dat kan zijn door als school zelf de noodzakelijke extra begeleiding te bieden, maar het kan ook zijn dat de school een andere school binnen het samenwerkingsverband moet benaderen om het kind het onderwijs met de extra begeleiding te bieden. Dit kan ook een school in het reguliere onderwijs zijn, of een school in het speciaal onderwijs.

Dit betekent dus niet dat uw kind altijd op de school van uw voorkeur geplaatst kan worden, maar wel dat u niet zelf van de ene naar de andere school hoeft te gaan om een plek te vinden waar uw kind welkom is.

Meer informatie over passend onderwijs kunt u hier vinden.

In welke wetten is de organisatie van zorg en ondersteuning vastgelegd?

Wet langdurige zorg (WLZ)

Deze wet regelt de zware, intensieve zorg voor kwetsbare ouderen en gehandicapten. Dit is de opvolger van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

In de Wmo staat dat gemeenten ondersteuning bieden bij zelfstandig wonen en meedoen in de maatschappij. Ook bieden Gemeenten beschermd wonen voor mensen met een psychische aandoening.

Zorgverzekeringswet (Zvw)

Verpleging en verzorging thuis is opgenomen in de Zorgverzekeringswet. Deze zorg heet wijkverpleging.

Jeugdwet

Gemeenten zijn verantwoordelijk voor bijna alle zorg en ondersteuning voor kinderen en jongeren.

Welke voorwaarde geldt vanaf 2015 voor langdurige zorg uit de WLZ?

Een belangrijke voorwaarde voor langdurige zorg uit de Wlz is een blijvende behoefte aan permanent toezicht en 24 uur per dag zorg dichtbij. Is het niet langer mogelijk om met ondersteuning van de gemeente of met verpleging en verzorging zelfstandig te wonen? Dan kan iemand een beroep op de Wlz ( Wet Langdurige Zorg) doen.

Hoe gaat de uitvoering van de Wlz ( Wet Langdurige Zorg)?

Het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ) stelt het recht op zorg vast. Die kijkt of iemand blijvend behoefte heeft aan zorg en of het gaat om een behoefte aan permanent toezicht of 24 uur per dag zorg dichtbij.

Het CIZ geeft een indicatiebesluit af en stelt ook een zorgprofiel vast.

Uitvoering van de Wlz gaat via een zorgkantoor. Het zorgkantoor heeft een zorgplicht. Dat betekent dat het zorgkantoor moet zorgen dat de cliënt de zorg krijgt waar hij recht op heeft. Het zorgkantoor koopt de zorg in bij instellingen. Dit doet het zorgkantoor zowel voor mensen die in een instelling gaan verblijven als voor mensen die met VPT ( Volledig pakket thuis), MPT ( Modulair pakket thuis) of PGB ( Persoons gebonden budget) thuis zorg krijgen.

Meer weten over de verschillende zorgwetten?

Download of bestel de brochure ‘De wetten zorg & ondersteuning sinds 2015’. In deze brochure wordt in eenvoudige taal informatie en uitleg gegeven over vier wetten: de Wet Langdurige Zorg (Wlz), Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo), Jeugdwet en de Zorgverzekeringswet. De brochure is gemaakt in het kader van de Kwaliteitsagenda.

Workshops en trainingen

KansPlus organiseert regelmatig workshops en trainingen voor het netwerk rond mensen met een verstandelijke beperking.